ECLI:NL:CRVB:2007:BB7226
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt WAO-besluit wegens onvoldoende onderbouwing door UWV
De zaak betreft het hoger beroep van appellante tegen het UWV-besluit waarin een WAO-uitkering aan een werknemer werd toegekend wegens vermeende doorlopende arbeidsongeschiktheid vanaf 29 mei 2000.
De rechtbank had het UWV-besluit vernietigd vanwege een te lange bezwaarafhandeling, maar liet de rechtsgevolgen in stand. De Centrale Raad van Beroep deelt dit oordeel niet en oordeelt dat het UWV onvoldoende heeft onderbouwd dat de werknemer vanaf 29 mei 2000 onafgebroken arbeidsongeschikt was, mede gezien de hersteldmelding per 29 augustus 2000 en het ontbreken van een nieuwe ziekmelding of loondoorbetaling na 1 september 2000.
De Raad stelt dat de extrapolatie van de arbeidsongeschiktheid door de bezwaarverzekeringsarts onvoldoende zorgvuldig en onderbouwd is, en dat relevante medische rapporten geen bevestiging geven van doorlopende arbeidsongeschiktheid. Daarom vernietigt de Raad het bestreden besluit en beveelt het UWV een nieuw besluit op bezwaar te nemen.
Het verzoek van appellante tot schadevergoeding wordt afgewezen omdat de omvang van eventuele schade nog niet vaststaat. Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten en moet het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: Het UWV-besluit wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen.