ECLI:NL:CRVB:2007:BB7758
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J. Brand
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling finale geschillenbeslechting en niet-besluit brief over WAJONG-nabetaling
De appellant, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, kende betrokkene een WAJONG-uitkering toe en herzag deze meerdere malen. Er ontstond discussie over de hoogte van een netto nabetalingsbedrag over een bepaalde periode, waarbij de appellant in een brief van 2 november 2004 zijn standpunt bevestigde. Betrokkene maakte bezwaar tegen deze brief, maar appellant verklaarde dit bezwaar niet ontvankelijk omdat de brief geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) was.
De rechtbank oordeelde dat de brief van 2 november 2004 geen besluit was en dat het bezwaar terecht niet ontvankelijk was verklaard. De rechtbank vernietigde echter een eerdere brief van 30 juli 2004 die zij als besluit op bezwaar aanmerkte en gaf een oordeel over de juiste vaststelling van het netto betaalbare bedrag als finale geschillenbeslechting.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dat de brief van 2 november 2004 geen besluit is en dat het bezwaar daartegen niet ontvankelijk is. De Raad oordeelt dat de rechtbank terecht het beroep tegen de beslissing van 20 december 2004 ongegrond heeft verklaard, maar vernietigt het oordeel van de rechtbank over de brief van 30 juli 2004 en de finale geschillenbeslechting over de inhoudelijke vaststelling van het bedrag, omdat dit buiten het aan de orde zijnde geschil viel.
De Raad benadrukt dat finale geschillenbeslechting niet kan worden toegepast om buiten het aan de orde zijnde geschil een oordeel te geven over andere inhoudelijke verschillen tussen partijen. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd voor zover het beroep tegen de beslissing van 20 december 2004 ongegrond is verklaard en vernietigd voor het overige.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat de brief van 2 november 2004 geen besluit is en verklaart het bezwaar daartegen niet ontvankelijk; het oordeel over de eerdere brief en finale geschillenbeslechting wordt vernietigd.