ECLI:NL:CRVB:2007:BB8116
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- R.C. Stam
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken procesbelang bij WAO-uitkering op medische gronden
Appellante had bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering per 15 december 2004 in te trekken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond, vernietigde het besluit maar handhaafde de rechtsgevolgen. Vervolgens kende het UWV op 27 april 2007 alsnog een WAO-uitkering toe op arbeidskundige gronden met een arbeidsongeschiktheid van 80-100%.
Appellante stelde in hoger beroep dat zij volledig arbeidsongeschikt is op medische gronden en verzocht om vergoeding van haar proceskosten en wettelijke rente. De Raad oordeelde dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is omdat het beoogde resultaat, een WAO-uitkering op medische gronden, feitelijk niet kan worden bereikt aangezien zij reeds een uitkering op arbeidskundige gronden heeft ontvangen.
Verder werd vastgesteld dat de wettelijke rente over het uitgekeerde bedrag reeds is betaald of zal worden betaald. Vergoeding van kosten voor een psychiater werd afgewezen wegens gebrek aan specificatie. Het UWV werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan de griffier.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang omdat appellante reeds een WAO-uitkering op arbeidskundige gronden heeft ontvangen.