ECLI:NL:CRVB:2007:BB8294
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- K. Zeilemaker
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens verzwegen arbeidsinkomsten
Appellant ontving een bijstandsuitkering en verzweeg inkomsten uit arbeid die hij via een uitzendbureau had verdiend in de periode van 1 september 2001 tot en met 30 september 2002. Na een onderzoek op basis van een signaal van de Belastingdienst trok het College van burgemeester en wethouders van Groningen de bijstand over deze periode in en vorderde de gemaakte kosten terug.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij slachtoffer was van fraude met zijn sofinummer, maar kon dit niet aannemelijk maken. De Raad concludeerde dat appellant zijn inlichtingenverplichting had geschonden door de inkomsten niet te melden, waardoor het College terecht het besluit tot intrekking en terugvordering nam.
De Raad oordeelde dat het beleid van het College omtrent terugvordering binnen redelijke grenzen blijft en dat er geen reden was om hiervan af te wijken. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wordt bevestigd.