ECLI:NL:CRVB:2007:BB9692
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Betalingsonmacht werkgever en hernieuwde beslissing UWV over overname betalingsverplichtingen
Appellant was automonteur bij een werkgever die vanaf december 2004 geen salaris meer betaalde. In januari 2005 vroeg appellant het UWV om overname van betalingsverplichtingen, maar het UWV weigerde wegens betalingsonwil. Appellant startte een loonvordering bij de kantonrechter, die werd toegewezen, maar de werkgever ging failliet. Het UWV nam later betalingsverplichtingen over vanaf maart 2005.
Appellant stelde in hoger beroep dat de werkgever al in januari 2005 in betalingsonmacht verkeerde en dat het UWV onvoldoende onderzoek had gedaan. De Raad oordeelde dat appellant aannemelijk had gemaakt dat er eerder sprake kon zijn van betalingsonmacht en dat het UWV niet voldeed aan haar onderzoeksplicht. Het UWV had onvoldoende en niet eenduidige informatie niet mogen negeren.
De Raad vernietigde het bestreden besluit wegens gebrek aan zorgvuldigheid en motivering en bepaalde dat het UWV het bezwaar opnieuw moet behandelen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV moet het bezwaar opnieuw beoordelen met een uitvoeriger onderzoek naar de betalingsonmacht van de werkgever.