ECLI:NL:CRVB:2008:BC2375
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Vergoeding medische kosten in buitenland geweigerd wegens ontbreken verdrag sociale zekerheid
Appellant, verzekerd op grond van de Ziekenfondswet, heeft tijdens een tijdelijk verblijf in Pakistan medische behandeling ondergaan en verzocht om vergoeding van deze kosten door OHRA. OHRA wees dit verzoek af op basis van regelgeving die vergoeding van medische hulp in het buitenland beperkt tot landen waarmee Nederland een sociaal zekerheidsverdrag heeft, wat niet het geval is voor Pakistan.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel. De Raad overweegt dat de regelgeving, waaronder artikel 10 Ziekenfondswet Pro en artikel 25 van Pro het Verstrekkingenbesluit ziekenfondsverzekering, duidelijk stelt dat medische hulp in landen zonder verdrag niet voor vergoeding in aanmerking komt, tenzij sprake is van specifieke uitzonderingen die hier niet van toepassing zijn.
Appellant voerde aan dat de behandeling in Pakistan noodzakelijk was en goedkoper dan in Nederland, en dat OHRA de afwijzing op verschillende gronden baseerde. De Raad oordeelt dat OHRA bevoegd is het primaire besluit in bezwaar op andere gronden te handhaven en dat de bezwaarprocedure een volledige heroverweging toestaat.
De Raad ziet geen aanleiding om het besluit te vernietigen en wijst het hoger beroep af. Tevens wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 9 januari 2008.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van vergoeding van medische kosten in Pakistan wegens het ontbreken van een sociaal zekerheidsverdrag.