ECLI:NL:CRVB:2008:BC3809
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- H.G. Rottier
- B. Barentsen
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt besluiten UWV over WAO-uitkering wegens onvoldoende onderzoek en motivering
De zaak betreft het hoger beroep van een werkgever tegen twee besluiten van het UWV inzake de toekenning en latere verlaging van een WAO-uitkering aan een voormalig werknemer met psychiatrische klachten. Het eerste besluit kende een WAO-uitkering toe op basis van een beoordeling dat de werknemer geen duurzaam benutbare arbeidsmogelijkheden had vanwege een deeltijdpsychiatrische behandeling. Het tweede besluit herzag de uitkering naar een lagere mate van arbeidsongeschiktheid.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het UWV onvoldoende zorgvuldig onderzoek heeft verricht, met name doordat de verzekeringsarts geen informatie bij de behandelende psychiater heeft opgevraagd en onvoldoende is gemotiveerd waarom de werknemer geen arbeid kon verrichten naast de deeltijdbehandeling. Ook is de motivering voor de urenbeperking in het tweede besluit onvoldoende onderbouwd.
Daarnaast constateert de Raad een schending van de redelijke termijn in de procedure van meer dan vijf jaar, veroorzaakt door het rechterlijk aandeel. De Raad vernietigt beide besluiten en de bijbehorende uitspraken van de rechtbank en beveelt het UWV om nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De bestreden besluiten en rechtbankuitspraken worden vernietigd en het UWV wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van de uitspraak.