ECLI:NL:CRVB:2008:BC3978
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- H.G. Rottier
- B. Barentsen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WAZ-uitkering na medische en arbeidskundige beoordeling arbeidsongeschiktheid zelfstandig advocaat
Appellant, een zelfstandig advocaat, is sinds 1999 arbeidsongeschikt als gevolg van psychische klachten, met eerdere uitval in 1987. Het UWV had zijn arbeidsongeschiktheid vastgesteld tussen 65 en 80%, wat leidde tot een WAZ-uitkering. Appellant voerde aan dat het besluit onvoldoende was onderbouwd, mede omdat hij nog enkele uren per week als advocaat werkte.
De Raad benoemde een onafhankelijke deskundige, psychiater Van Eyk, die appellant tweemaal onderzocht en diverse medische rapportages bestudeerde. Van Eyk onderschreef de medische beoordeling van het UWV en weerlegde tegenstrijdige opvattingen van behandelaars. Ook de arbeidsdeskundige rapportage en de bevindingen van verzekeringsartsen werden als zorgvuldig en volledig beoordeeld.
De Raad oordeelde dat appellant ongeschikt is voor zijn maatgevende werkzaamheden als zelfstandig advocaat met een werkweek van 50 uur, maar dat dit niet uitsluit dat hij in aangepaste vorm kan werken. De Raad vond geen aanleiding om het besluit te vernietigen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Arnhem. Er werd geen toepassing gegeven aan artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het UWV-besluit en verklaart het hoger beroep van appellant ongegrond.