ECLI:NL:CRVB:2008:BC7006
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling weigering WAZ-uitkering voor zelfstandige met looptraining
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV van 18 juni 2004 waarin de WAZ-uitkering werd geweigerd omdat hij per 1 april 2004 minder dan 25% arbeidsongeschikt zou zijn. Tevens werd geweigerd hem als arbeidsgehandicapte in de zin van de Wet REA aan te merken. De rechtbank Maastricht verklaarde het beroep ongegrond en deze uitspraak is door de Centrale Raad van Beroep bevestigd.
In het geding is onder meer de medische beoordeling van appellant's arbeidsongeschiktheid en de impact van zijn intensieve looptraining die dagelijks vier tot zes uur in beslag neemt. Appellant stelde dat deze tijdsinvestering een beletsel vormt voor een voltijdse werkweek. De Raad oordeelde echter dat appellant als zelfstandige zijn arbeidstijden in aanzienlijke mate zelf kan bepalen en dat de tijdsinvestering in de looptraining het verrichten van fulltime werkzaamheden niet in de weg staat.
De medische stukken, waaronder verklaringen van fysiotherapeuten en vaatchirurgen, bevestigen dat appellant zijn pijnvrije loopafstand heeft kunnen vergroten en maximaal drie uur per dag loopt rond de datum in geding. De bezwaarverzekeringsarts van het UWV heeft dit bevestigd en het beroep op het Claim Beoordelings- en Borgings Systeem (CBBS) werd door de Raad verworpen. Gezien deze feiten concludeert de Raad dat appellant geen relevant verlies van verdienvermogen heeft en bevestigt het bestreden besluit.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAZ-uitkering omdat appellant per 1 april 2004 in staat wordt geacht zijn werkzaamheden als zelfstandige te verrichten.