ECLI:NL:CRVB:2008:BC7067
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- J.J.A. Kooijman
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsuitkering wegens vermogen boven vrij te laten grens ondanks betwiste leningen
Appellant, een alleenstaande, diende op 25 mei 2005 een aanvraag om bijstand in, die door het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam werd afgewezen vanwege een vermogen dat hoger was dan de vrij te laten grens en ontvangen bedragen van zijn moeder die als middelen werden aangemerkt.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat de bedragen leningen waren en geen giften, en dat het College bij een eerdere aanvraag deze bedragen als leningen had erkend. Tevens stelde hij dat zijn schulden aan zijn moeder als negatieve vermogensbestanddelen in mindering moesten worden gebracht.
De Raad oordeelde dat onvoldoende was komen vast te staan dat er een daadwerkelijke terugbetalingsverplichting bestond, mede omdat terugbetaling afhankelijk was gesteld van een toekomstige onzekere gebeurtenis. Ook kon appellant geen recht ontlenen aan eerdere fouten van het College.
Gezien het positieve vermogen van appellant boven de vermogensgrens van €5.105, werd de afwijzing van de bijstandsaanvraag door het College terecht gehandhaafd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd vanwege vermogen boven de vrij te laten grens en het ontbreken van een daadwerkelijke terugbetalingsverplichting.