ECLI:NL:CRVB:2008:BC7192
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- G.A.J. van den Hurk
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten buiten behandeling laten bijstandsaanvraag wegens onredelijke beschikking over gevraagde stukken
Appellant diende op 2 november 2005 een aanvraag voor bijstand in bij het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Alkmaar. Het College stelde de aanvraag buiten behandeling op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat appellant niet binnen de gestelde termijn de gevraagde bankafschriften kon overleggen.
Appellant had moeite met het verkrijgen van de bankafschriften bij de Postbank, mede doordat hij eerst zijn nieuwe adres moest doorgeven. Ondanks hulp van zijn klantmanager en een sociaal raadsman ontving appellant de gevraagde stukken niet tijdig. De rechtbank vernietigde het besluit van het College, maar de Centrale Raad van Beroep stelde vast dat het College ten onrechte het besluit buiten behandeling had gelaten, omdat appellant niet verwijtbaar kon worden gehouden voor het niet tijdig overleggen van de stukken.
De Raad vernietigde de besluiten van 30 maart 2006 en 4 augustus 2006 en bepaalde dat het College nieuwe besluiten moet nemen op de bezwaren, met inachtneming van deze uitspraak. Tevens veroordeelde de Raad het College in de proceskosten van appellant en bepaalde dat de gemeente Alkmaar griffierechten moet vergoeden.
Uitkomst: De besluiten van het College Alkmaar die de bijstandsaanvraag buiten behandeling lieten worden vernietigd en het College wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen.