ECLI:NL:CRVB:2008:BC7755
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- H.G. Rottier
- B. Barentsen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening van bestuursrechtelijke uitspraak UWV
Verzoekster heeft bij de Centrale Raad van Beroep een verzoek tot herziening ingediend van een uitspraak van 5 juli 2006, waarin haar beroep tegen besluiten van het UWV was afgewezen. Zij stelde dat de Raad in die uitspraak feiten niet had onderkend of onjuist had vastgesteld, en dat de uitspraak evident onjuist was.
De Raad overwoog dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is voor een hernieuwde discussie over de zaak of de juistheid van de uitspraak, maar alleen kan worden toegepast indien sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden die bij de eerdere uitspraak niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. Verzoekster heeft echter geen dergelijke nieuwe feiten of omstandigheden naar voren gebracht.
Daarom wees de Raad het verzoek tot herziening af en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 26 maart 2008, na behandeling op 13 februari 2008.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de bestuursrechtelijke uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.