ECLI:NL:CRVB:2008:BD0484
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering wegens bezit OV-studentenkaart ondanks betwisting onjuiste voorlichting
Appellant stelde beroep in tegen besluiten van de IB-Groep waarin terugvorderingen werden opgelegd wegens het bezit van een OV-studentenkaart in de jaren 2001 en 2002. Hij voerde aan dat hij bij een bezoek aan het regiokantoor onjuist was voorgelicht over de toepasselijkheid van de bijverdiengrens bij nullingen en dat daarom de vorderingen onterecht waren.
De Raad heeft het verzoek tot uitstel van appellant afgewezen en het onderzoek ter zitting vond plaats zonder zijn aanwezigheid. De IB-Groep werd vertegenwoordigd door een gemachtigde.
De Raad oordeelde dat op basis van de verklaringen en het dossier niet genoegzaam is komen vast te staan dat appellant onjuist is geïnformeerd. Ook is geen ondubbelzinnige en ongeclausuleerde toezegging gedaan waarop appellant zich mocht verlaten. De rechtbank had eerder geoordeeld dat een nulling met een OV-studentenkaart een vorm van studiefinanciering is en het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde.
Daarom bevestigt de Centrale Raad van Beroep de aangevallen uitspraken en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering wegens bezit van een OV-studentenkaart en wijst het hoger beroep af.