ECLI:NL:CRVB:2008:BD1984
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering wegens onvoldoende toelichting arbeidskundige beoordeling
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV van 7 augustus 2003, waarbij haar WAO-uitkering werd herzien van 80% naar 25-35% arbeidsongeschiktheid. Dit bezwaar werd bij besluit van 21 oktober 2004 ongegrond verklaard, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat een onafhankelijk medisch onderzoek niet noodzakelijk was, omdat het advies van de bezwaarverzekeringsarts voldoende was onderbouwd met medische informatie van behandelende specialisten. De medische grieven van appellante werden daarom verworpen. Wel stelde de Raad vast dat de arbeidskundige beoordeling ondeugdelijk was omdat zogenoemde G-signaleringen in de functies niet waren toegelicht door het UWV.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit op bezwaar moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellante en werd het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het besluit van 21 oktober 2004 tot herziening van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV dient een nieuw besluit te nemen.