ECLI:NL:CRVB:2008:BD2065
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens benutbare arbeidsmogelijkheden
Appellant ging in hoger beroep tegen de intrekking van zijn WAO-uitkering door het UWV, welke door de rechtbank Rotterdam was bevestigd. De rechtbank had geoordeeld dat het onderzoek door de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts zorgvuldig was en dat appellant voldoende benutbare mogelijkheden tot arbeid had, mede op basis van informatie van de behandelende longarts.
In hoger beroep stelde appellant dat hij ernstige longklachten heeft en dat geen onderzoek door een onafhankelijke longarts was verricht. De Raad oordeelde dat de aangevoerde argumenten geen nieuwe gezichtspunten bevatten en dat er voldoende medische informatie in het dossier aanwezig was, waaronder rapporten van een longarts en allergoloog, die door de verzekeringsartsen waren betrokken bij hun oordeel.
De Raad zag daarom geen aanleiding voor nader onderzoek door een onafhankelijke longarts. Appellant erkende ter zitting dat er geen bezwaren waren tegen de aan de schatting ten grondslag gelegde functies volgens de Functionele Mogelijkheden Lijst. De Centrale Raad van Beroep bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat appellant over voldoende benutbare arbeidsmogelijkheden beschikt.