ECLI:NL:CRVB:2008:BD2366
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- K. Zeilemaker
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen afwijzing bijstandsaanvraag niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
Appellant diende een aanvraag bijstand in die op 13 juli 2005 door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Gravenhage werd afgewezen. Vervolgens verzocht appellant op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens om inzage in de relevante stukken die tot deze beslissing hadden geleid. De raadsman van appellant diende later een bezwaarschrift in tegen het besluit, maar dit was ruim na de wettelijke termijn van zes weken na bekendmaking van het besluit.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep stelde ambtshalve vast dat het College ten onrechte het verzoek om informatie als bezwaarschrift had aangemerkt. Het daadwerkelijke bezwaarschrift van de raadsman was te laat ingediend en dus niet-ontvankelijk.
De Raad vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het College van 19 december 2005. Tevens werd het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Het College werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het besluit van 13 juli 2005 is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding.