ECLI:NL:CRVB:2008:BD2898
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Verzoek om verhoging WW-uitkering afgewezen wegens verlaging WAO-uitkering bij overgang naar vervolgdagloon
In deze zaak stond centraal de vraag of appellant terecht het verzoek van betrokkene om verhoging van zijn WW-uitkering had afgewezen, nadat zijn WAO-uitkering was verlaagd wegens overgang naar het vervolgdagloon per 10 juli 2006.
De rechtbank Roermond had het besluit van appellant vernietigd en het verzoek van betrokkene toegewezen, waarbij zij oordeelde dat de WW-uitkering opnieuw vastgesteld moest worden als de gezamenlijke uitkeringen minder dan 70% van het maximale dagloon bedragen. Appellant stelde dat de WW-daglonen slechts in specifieke gevallen herzien mogen worden en dat artikel 22, tweede lid, van het Besluit Dagloonregels Werknemersverzekeringen niet voorziet in een automatische herziening bij wijziging van één van de uitkeringen.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het standpunt van appellant en vernietigde de uitspraak van de rechtbank. De Raad stelde dat de systematiek van de dagloonregeling slechts een herziening toestaat in de wettelijk voorgeschreven gevallen en dat artikel 22, tweede lid, van het Besluit alleen ziet op situaties waarin gelijktijdig meerdere uitkeringen worden ontvangen die samen meer dan 70% van het maximale dagloon bedragen. De Raad verklaarde het beroep ongegrond en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot verhoging van de WW-uitkering wordt afgewezen.