ECLI:NL:CRVB:2012:BX5907
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Brand
- T. Hoogenboom
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Herziening dagloon WAO-uitkering na beëindiging samenloop met WW-uitkering
Appellant ontving sinds 26 november 2004 een WAO-uitkering, die in mei 2005 werd herzien vanwege een gelijktijdige WW-uitkering. Hierdoor werd het dagloon van de WAO-uitkering evenredig verlaagd omdat de som van de uitkeringen het maximum overschreed. Toen de WW-uitkering per 2 mei 2010 eindigde, bleef het verlaagde WAO-dagloon ongewijzigd.
Appellant verzocht om herziening van het WAO-dagloon naar het oorspronkelijke niveau, omdat de samenloop van uitkeringen was beëindigd. Het UWV wees dit verzoek af en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het dagloon eenmaal vastgesteld niet wijzigt tenzij de wet anders bepaalt.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat na het wegvallen van de samenloop van uitkeringen artikel 22, eerste lid, van het Besluit dagloonregels van toepassing is en het UWV het dagloon had moeten herzien. De Raad vernietigt het bestreden besluit en beveelt het UWV een nieuwe beslissing te nemen. Tevens wordt het UWV veroordeeld tot schadevergoeding en proceskostenvergoeding aan appellant.
Uitkomst: Het UWV moet het WAO-dagloon herzien na beëindiging van de samenloop met de WW-uitkering en schadevergoeding betalen.