ECLI:NL:CRVB:2008:BD3455
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAJONG-uitkering wegens niet nakomen mededelingsverplichting
Appellant ontving sinds 1976 een arbeidsongeschiktheidsuitkering die in 2002 werd omgezet in een WAJONG-uitkering. Naar aanleiding van een vermoeden dat appellant in België een eigen bedrijf had gestart, voerde het UWV een onderzoek uit. Appellant werd meerdere keren uitgenodigd voor een gesprek, maar verscheen niet en gaf geen nadere uitleg.
Het UWV schortte de uitkering op en trok deze later definitief in op grond van het niet nakomen van de mededelingsverplichting zoals bedoeld in artikel 62 van Pro de WAJONG. De voorzieningenrechter van de rechtbank Groningen verklaarde het bezwaar ongegrond en wees het beroep af.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad oordeelde dat het UWV terecht twijfelde aan de naleving van de mededelingsplicht door appellant, die geen relevante informatie verstrekte over zijn activiteiten en inkomsten. Medische rapporten toonden geen zodanige gezondheidsproblemen dat nakoming van de controlevoorschriften niet redelijk was.
De Raad concludeerde dat het niet nakomen van de mededelingsplicht ertoe leidde dat het UWV niet kon vaststellen of appellant nog recht had op de uitkering, waardoor de intrekking rechtmatig was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de intrekking van de WAJONG-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAJONG-uitkering wegens het niet nakomen van de mededelingsverplichting.