ECLI:NL:CRVB:2008:BD3786
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldige herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellante, die sinds 1995 een WAO-uitkering ontving wegens een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, werd in 2005 herbeoordeeld. De verzekeringsarts concludeerde dat zij duurzaam benutbare mogelijkheden heeft en minder dan 15% arbeidsongeschikt is. Het UWV trok daarop haar uitkering per 3 april 2005 in.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna zij hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. Appellante voerde aan dat haar beperkingen onjuist waren vastgesteld, dat onvoldoende rekening was gehouden met medicatie en dat de arbeidskundige beoordeling niet voldeed aan eerdere jurisprudentie.
De Raad oordeelde dat de medische beoordeling zorgvuldig was uitgevoerd, waarbij psychische en fysieke beperkingen adequaat waren meegenomen in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML). Ook de arbeidskundige beoordeling, inclusief het gebruik van het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS), werd als voldoende betrouwbaar en passend beschouwd.
De Raad verwierp de bezwaren van appellante en bevestigde het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering. Er werd geen aanleiding gezien voor het raadplegen van een deskundige en ook een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid na zorgvuldige beoordeling.