ECLI:NL:CRVB:2008:BD3873
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- C.P.J. Goorden
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Weigering WW-uitkering wegens niet aanvaarden passende arbeid onvoldoende onderzocht
Appellante, voormalig accountmanager bij KPN, kreeg een WW-uitkering toegekend. In het kader van haar re-integratietraject bood het re-integratiebureau een functie als acquisiteur aan, die zij niet aanvaardde. Het UWV weigerde daarop haar uitkering wegens het niet accepteren van passende arbeid. De rechtbank vernietigde dit besluit wegens gebrek aan deugdelijk onderzoek, met name over de rol van de directeur van het re-integratiebureau en de aard van de aangeboden functie.
Het UWV handhaafde het besluit na telefonisch contact met de directeur, waarna de rechtbank het beroep ongegrond verklaarde. Appellante stelde in hoger beroep dat het onderzoek nog steeds onvoldoende was en dat de functie-inhoud afweek van wat haar was voorgehouden.
De Raad oordeelde dat het UWV niet voldeed aan de onderzoeksplicht ex artikel 3:2 Awb Pro, omdat het dossier geen duidelijke functiebeschrijving bevatte, onduidelijkheid bestond over de uren en geen overzicht van opleiding en ervaring van appellante was opgenomen. Hierdoor kon niet worden vastgesteld of de functie passend was. De Raad vernietigde het besluit en de uitspraak van de rechtbank en bepaalde dat het UWV opnieuw op bezwaar moet beslissen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het besluit van het UWV tot weigering van de WW-uitkering wordt vernietigd wegens onvoldoende onderzoek en het UWV moet opnieuw beslissen.