ECLI:NL:CRVB:2008:BD6234
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over woonvoorzieningen voor gehandicapte met syndroom van Usher
Betrokkene, geboren in 1962 en lijdend aan het syndroom van Usher met ernstige visus- en gehoorstoornissen, vroeg op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg) om aanpassing van haar woning, waaronder een deurtelefoon met beeldscherm en verlichting.
De gemeente Vught wees de aanvraag aanvankelijk af, maar na bezwaar werd een deel van de woonvoorzieningen toegekend conform een second opinion van Trivium, die beperkte taakverlichting adviseerde. De rechtbank oordeelde echter dat deze verlichting onvoldoende was en dat ook de kosten voor vervanging van het aanrechtblad vergoed moesten worden, omdat dit niet algemeen gebruikelijk was.
De gemeente ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Raad oordeelde dat de rechtbank terecht vond dat de verlichting onvoldoende was, omdat het advies van Trivium onvoldoende rekening hield met de adaptatieproblemen van betrokkene. De Raad vernietigde echter het oordeel over het aanrechtblad en stelde dat vervanging daarvan wel als algemeen gebruikelijke voorziening moet worden beschouwd, omdat het een normaal verkrijgbaar product betreft.
De Raad vernietigde het besluit van 10 januari 2006 voor zover het de verlichting betreft en bepaalde dat de gemeente een nieuw besluit op bezwaar moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het besluit over de verlichting wordt vernietigd en de gemeente moet een nieuw besluit nemen; vervanging van het aanrechtblad is een algemeen gebruikelijke voorziening.