ECLI:NL:CRVB:2008:BD9359
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- Th.C. van Sloten
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstand wegens niet gemelde inkomsten uit arbeid
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Naar aanleiding van een onderzoek naar mogelijke werkgeversfraude bij een uitzendbureau werd vastgesteld dat appellant werkzaamheden had verricht en inkomsten had ontvangen die niet waren gemeld aan het College van burgemeester en wethouders van Nijmegen.
Het College herzag de bijstand en vorderde een bedrag van bijna €9.000,- terug wegens de niet gemelde inkomsten. Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit, dat door de rechtbank deels werd toegewezen, waarna het College een nieuw besluit nam. Appellanten gingen hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat appellanten hun inlichtingenverplichting hadden geschonden en dat het College terecht was uitgegaan van de administratie van het uitzendbureau. De stelling van appellanten dat sprake was van misbruik van het sofinummer werd niet aannemelijk gemaakt. De Raad verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde het besluit tot herziening en terugvordering van de bijstand.
Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 5 augustus 2008.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot herziening en terugvordering van bijstand bevestigd.