ECLI:NL:CRVB:2008:BE8919
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Vaststelling onrechtmatige afwijzing bijstandsaanvraag en bevestiging verlaging uitkering wegens ernstige misdraging
Appellant diende op 25 april 2005 een aanvraag in voor een bijstandsuitkering. Het College van burgemeester en wethouders van Terneuzen weigerde deze aanvraag op grond van het niet verlenen van medewerking aan een onaangekondigd huisbezoek. De Raad oordeelde echter dat er geen redelijke grond bestond voor het huisbezoek, omdat er geen concrete feiten waren die twijfel opriepen over de juistheid van de verstrekte gegevens. Hierdoor was de weigering van de aanvraag onterecht.
Daarnaast werd appellant bijstand verleend met ingang van 11 mei 2005, maar werd de uitkering over de periode van 11 mei tot 11 juni 2005 met 10% verlaagd wegens een zeer ernstige verbale misdraging jegens een bijstandsconsulent. Appellant had deze consulent uitgescholden met een ernstige belediging. Hoewel appellant een psychische aandoening aanvoerde als verzachtende omstandigheid, oordeelde de Raad dat dit niet voldeed om de verwijtbaarheid weg te nemen.
De Raad vernietigde het besluit van 9 mei 2006 tot afwijzing van de aanvraag en bepaalde dat het College een nieuw besluit moet nemen. De verlaging van de bijstand wegens de misdraging werd bevestigd. Tevens werd het College veroordeeld tot betaling van proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt vernietigd, maar de verlaging van de bijstand wegens ernstige verbale misdraging wordt bevestigd.