ECLI:NL:CRVB:2008:BF3174
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstandsuitkering wegens ontbreken dringende redenen
Appellante ontving van 1996 tot 2005 bijstand, maar beschikte op 31 december 2002 over een niet gemelde Postbankrekening met een saldo boven de vermogensgrens. Het College herzag de bijstand en vorderde €6.421 terug wegens onrechtmatige bijstand. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
Appellante voerde aan dat er dringende redenen waren om af te zien van terugvordering, maar de Raad oordeelde dat het beleid van het College, dat terugvordering alleen uitsluit bij bedragen onder €100 of bij strikte dringende redenen zoals uitzichtloze of acute noodsituaties, binnen redelijke beleidsgrenzen valt. Verontschuldigingen voor het niet melden van vermogen kwalificeren niet als dringende reden.
De medische verklaring van de huisarts toonde geen zodanige dringende redenen aan. De Raad concludeerde dat het College correct heeft gehandeld en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van €6.421 wegens het ontbreken van dringende redenen om af te zien van terugvordering.