ECLI:NL:CRVB:2008:BF8522
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K. Zeilemaker
- J.Th. Wolleswinkel
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van intrekking toezegging en functieverlenging bij militair
Appellant, een militair eerste luitenant, kreeg in april 2005 de toezegging dat hij per 1 november 2005 zou worden geplaatst in een functie met de rang van kapitein. Deze toezegging werd in juli 2005 ingetrokken vanwege organisatorische redenen, waarna zijn functievervulling werd verlengd tot 1 september 2006. Appellant maakte bezwaar tegen deze verlenging, maar de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat de intrekking van de toezegging als een mondelinge beslissing werd gezien waartegen geen bezwaar was gemaakt.
In hoger beroep betwistte appellant dat de intrekking een besluit was en stelde dat hij compensatie had moeten ontvangen. De Raad oordeelde dat de intrekking geen besluit of daarmee gelijkgestelde handeling was, maar dat de verlenging van de functieduur een rechtspositioneel besluit betrof waartegen bezwaar mogelijk was. De Raad stelde vast dat de commandant de belangen zorgvuldig had afgewogen en dat er sprake was van een dwingend organisatiebelang.
De Raad benadrukte dat appellant als ervaren militair op de hoogte moest zijn van de onzekerheid rond toezeggingen en dat hij geen nadelige stappen had ondernomen op basis van de toezegging. Tevens werd erkend dat de verlenging een inspanningsverplichting inhield om appellant na afloop alsnog te plaatsen in de toegezegde functie. De uitspraak bevestigt het bestreden besluit en wijst een vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het bestreden besluit en verklaart het beroep van appellant ongegrond.