ECLI:NL:CRVB:2008:BG1122
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- A.B.J. van der Ham
- H.C. Cusell
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens niet gemelde werkzaamheden in café
Appellant ontving bijstand maar verrichtte zonder melding werkzaamheden als beheerder/leidinggevende in een café. Het College van burgemeester en wethouders van Groningen trok de bijstand in en vorderde de teveel ontvangen bedragen terug. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dat de onderzoeksbevindingen voldoende aanknopingspunten boden voor het standpunt dat appellant op geld waardeerbare werkzaamheden verrichtte. Appellant stond als leidinggevende vermeld op de drank- en horecavergunning en was tijdens waarnemingen achter de bar aangetroffen. Zijn stelling dat hij als vrijwilliger werkte en alleen bij calamiteiten beschikbaar was, deed hieraan niet af.
De Raad oordeelde dat appellant de inlichtingenverplichting uit de WWB had geschonden en dat het College terecht de bijstand had ingetrokken en teruggevorderd. Er waren geen bijzondere omstandigheden om van het beleid af te wijken. Het hoger beroep werd afgewezen en het verzoek om schadevergoeding werd geweigerd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.