ECLI:NL:CRVB:2009:BH1205
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terugkomen op rechtens onaantastbare besluiten inzake WAO-uitkering
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV van 28 september 2006, waarin het UWV weigerde terug te komen op twee eerdere onherroepelijke besluiten uit 1999 en 2000. Deze besluiten betreffen de verrekening van haar WAO-uitkering over de periode van 1 januari 1996 tot en met 30 september 1999 met de door haar genoten bijstandsuitkering.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond omdat zij geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden had aangevoerd zoals vereist volgens artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De Centrale Raad van Beroep onderschrijft deze overwegingen en verwijst naar een eerdere uitspraak waarin werd bevestigd dat het UWV bij het besluit van 28 september 2006 mocht uitgaan van de onherroepelijkheid van de eerdere besluiten.
De Raad concludeert dat appellante onvoldoende gronden heeft aangevoerd om terug te komen op de eerdere besluiten en bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad bevestigt de weigering van het UWV om terug te komen op eerdere onherroepelijke besluiten en wijst het hoger beroep af.