ECLI:NL:CRVB:2009:BH2444
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.J.A. Kooijman
- R. Kooper
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijzondere bijstand voor reiskosten onderwijs
Appellant verzocht bijzondere bijstand voor reiskosten van zijn minderjarige dochter naar de PABO in Utrecht. Het College wees dit af omdat de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten (WTOS) als voorliggende voorziening werd gezien. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat hoewel de WTOS een voorliggende voorziening is, deze forfaitaire tegemoetkoming niet toereikend en passend is voor de specifieke reiskosten.
De Raad baseert zich op de parlementaire geschiedenis waaruit blijkt dat voor gezinnen met lage inkomens en specifieke omstandigheden aanvullende bijzondere bijstand mogelijk moet zijn. Het besluit van het College en de uitspraak van de rechtbank worden daarom vernietigd. Het College wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
De Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling, maar bepaalt dat het reeds betaalde griffierecht aan appellant wordt vergoed.
Uitkomst: Het besluit van het College wordt vernietigd en een nieuw besluit op bezwaar wordt opgedragen te nemen.