ECLI:NL:CRVB:2009:BH5750
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- R. Kooper
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens niet-melden werkzaamheden autohandel
Appellant ontving vanaf oktober 1999 een bijstandsuitkering. Naar aanleiding van een onderzoek van de Sociale Recherche, dat een doorlopende handel in auto's door appellant vaststelde, trok het College de bijstand met ingang van mei 2001 in en vorderde de kosten terug tot eind november 2005.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bevestigt de Raad dat appellant zijn inlichtingenverplichting heeft geschonden door zijn werkzaamheden in de autohandel niet te melden, waardoor het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld. Appellant hield geen administratie bij van zijn inkomsten.
De Raad oordeelt dat het College bevoegd was de bijstand in te trekken en de kosten terug te vorderen op grond van de WWB. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die tot afwijking van het beleid leiden. Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering worden bevestigd wegens schending van de inlichtingenverplichting door niet-melding van werkzaamheden in de autohandel.