ECLI:NL:CRVB:2009:BH6069
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling korting en terugvordering WAO-uitkering wegens inkomsten uit arbeid
De zaak betreft hoger beroep van appellant tegen besluiten van het UWV inzake korting en terugvordering van WAO-uitkeringen wegens inkomsten uit arbeid over de jaren 1998 tot en met 2002 en later. Appellant ontving een WAO-uitkering wegens volledige arbeidsongeschiktheid, maar het UWV stelde fictieve mate van arbeidsongeschiktheid vast met toepassing van artikel 44 WAO Pro, leidend tot korting van de uitkering met terugwerkende kracht.
De Raad oordeelt dat het UWV terecht de korting toepaste over de jaren 1999 en verder, maar het besluit over 1998 wordt vernietigd omdat het eerdere besluit van 30 november 2005 niet gehandhaafd kan blijven. Appellant stelde dat de korting met terugwerkende kracht in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel en verwees naar een eerdere toezegging dat bijverdiensten niet tot korting zouden leiden, maar dit werd verworpen omdat die toezegging betrekking had op een andere regeling.
Verder oordeelt de Raad dat appellant verplicht was zijn inkomsten zelf te melden, ook al kon het UWV gegevens bij de Belastingdienst opvragen. De terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkeringen over de periode 1998-2003 wordt bevestigd, omdat geen dringende reden tot kwijtschelding is gebleken. Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Besluit over korting WAO-uitkering 1998 vernietigd, overige besluiten bevestigd, UWV veroordeeld in proceskosten.