ECLI:NL:CRVB:2009:BH6424
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.G. Treffers
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag militair wegens dienstgerelateerd softdrugsgebruik ondanks beleidswijziging zonder voorafgaand overleg
Appellant, een marinier der derde klasse, werd ontslagen wegens gebruik van softdrugs tijdens diensttijd, conform het beleid van de staatssecretaris van Defensie. Hoewel appellant stelde dat de beleidswijziging die het onmiddellijke ontslag bij eerste constatering van softdrugsgebruik mogelijk maakte onrechtmatig was omdat deze niet vooraf in het Georganiseerd Overleg Sector Defensie (GOSD) was besproken, oordeelde de Raad dat het beleid weliswaar was gewijzigd, maar dat de staatssecretaris dit beleid tijdig aan het GOSD had toegezonden en dat het overleg achteraf had plaatsgevonden.
De Raad erkende dat het tot voor kort geldende beleid binnen de krijgsmachtdelen verschilden, waarbij de Koninklijke marine bij eerste constatering van softdrugsgebruik volstond met een waarschuwing, terwijl de Koninklijke landmacht direct ontslag gaf. De beleidswijziging beoogde harmonisatie en werd ruim bekendgemaakt binnen Defensie. Het feit dat het overleg met het GOSD pas na de beleidswijziging plaatsvond, leidde niet tot het nietig verklaren van het beleid.
Gelet op het feit dat appellant geen gronden had aangevoerd die tot afwijking van het beleid konden leiden en dat het softdrugsgebruik onbetwist dienstgerelateerd was, werd het hoger beroep van appellant verworpen en het ontslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het ontslag wegens dienstgerelateerd softdrugsgebruik wordt bevestigd.