ECLI:NL:CRVB:2009:BH7208
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Beëindiging bijstand wegens gehuwde status en duurzame samenwoning
Appellant, die ernstig visueel gehandicapt is en diabetes heeft, woonde sinds 2002 bij betrokkene die zijn verzorging op zich nam. Hoewel zij in 1983 gescheiden zouden zijn, bleek uit onderzoek dat de echtscheiding niet officieel was ingeschreven, waardoor appellant formeel gehuwd bleef. Het College beëindigde de bijstand van appellant per 1 oktober 2006 omdat betrokkene een hoger inkomen had dan de bijstandsnorm voor alleenstaanden en zij niet duurzaam gescheiden leefden.
Appellant maakte bezwaar tegen deze beslissing en voerde aan dat hij niet om beëindiging, maar om opschorting had verzocht en dat hij als ongehuwd moest worden aangemerkt. De voorzieningenrechter wees het beroep af, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat het College terecht de bijstand had ingetrokken omdat appellant formeel gehuwd was en niet duurzaam gescheiden leefde. De bijzondere omstandigheden, zoals de verzorgingsbehoefte, konden niet leiden tot een andere beoordeling. De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees het verzoek om schadevergoeding af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De bijstand van appellant wordt terecht beëindigd omdat hij formeel gehuwd is en niet duurzaam gescheiden leeft.