ECLI:NL:CRVB:2009:BI1217
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering nabestaandenuitkering met terugwerkende kracht vóór 2000
Appellante, woonachtig in Turkije, diende in 1986 een aanvraag in voor een nabestaandenuitkering op grond van de AWW, welke werd afgewezen omdat haar echtgenoot niet verzekerd was. Na een nieuwe aanvraag in 2001 op grond van de ANW werd deze aanvankelijk afgewezen, maar in 2003 werd alsnog een uitkering toegekend met ingang van januari 2000.
In 2005 verzocht appellante om herziening van het besluit uit 1986 met terugwerkende kracht vanaf 1983, maar de Sociale verzekeringsbank wees dit af omdat de onjuistheid van het eerdere besluit niet het gevolg was van een fout van de SVB en het beleid slechts een terugwerkende kracht van één jaar toestaat in dergelijke gevallen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het beleid van de SVB redelijk was.
In hoger beroep stelde appellante dat zij niet kon worden verweten de relevante informatie niet eerder te hebben verstrekt en dat haar situatie als ongeschoolde inwoner van een klein Turks dorp in aanmerking moest worden genomen. De Raad oordeelde dat het beleid van de SVB, zoals aanvaard in de jurisprudentie, correct werd toegepast en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen reden gezien om toepassing te geven aan artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van terugwerkende kracht vóór januari 2000 wordt bevestigd.