ECLI:NL:CRVB:2009:BI2440
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- T. van Peijpe
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens weigering handen schudden uit godsdienstige overtuiging op openbare school
Betrokkene, docente aan een openbare school, weigerde uit haar islamitische geloofsovertuiging handen te schudden met mannelijke collega’s. Dit leidde tot onrust op school en maatschappelijke discussie. De school stelde een uniforme begroetingsregel in die het schudden van handen voorschreef om segregatie te voorkomen en duidelijkheid te scheppen in de multiculturele gemeenschap.
Na schorsingen en een besluit tot ontslag op grond van gewichtige redenen, waaronder de verstoring van het schoolklimaat en vertrouwensbreuk, stelde betrokkene beroep in tegen deze besluiten. De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het weigeren van de handdruk een uiting is van godsdienst, maar dat het belang van de school bij uniformiteit en het voorkomen van segregatie zwaarder weegt dan het belang bij godsdienstvrijheid in deze context.
De Raad oordeelde dat de uniforme begroetingsregel een legitiem doel dient en dat het middel passend en noodzakelijk is. Het ontslag was gerechtvaardigd vanwege de negatieve impact op het schoolklimaat en de onderlinge verhoudingen. De financiële vergoeding die betrokkene ontving werd als voldoende beoordeeld. Het hoger beroep werd afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het ontslag van de docente wegens weigering handen te schudden uit godsdienstige overtuiging wordt bevestigd als passend en noodzakelijk.