ECLI:NL:CRVB:2009:BI3274
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.G. Rottier
- B.M. van Dun
- T. van Peijpe
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding bij UWV-besluit
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam inzake een UWV-besluit. Het beroepschrift werd echter niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn van zes weken ingediend, maar ruim tien maanden te laat ontvangen door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Raad voor de Rechtspraak heeft het onderzoek ter zitting gehouden zonder aanwezigheid van appellant. Appellant gaf aan dat hij op advies van zijn gemachtigde niet in hoger beroep zou gaan en dat verwarring met een strafrechtelijke procedure heeft geleid tot de termijnoverschrijding.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het verzuim van appellant niet kan worden opgeheven, omdat het risico van het onjuiste advies bij appellant ligt. Daarom wordt het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepschrifttermijn.