ECLI:NL:CRVB:2009:BI3467
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- R. Kooper
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijzondere bijstand wegens voorliggende voorziening huursubsidie
Betrokkene ontving bijstand en huursubsidie. Na het verlies van het rechtmatig verblijf van haar echtgenoot werd de huursubsidie over een bepaalde periode herzien en teruggevorderd. Betrokkene vroeg bijzondere bijstand aan voor woonkostentoeslag over die periode, maar de gemeente wees dit af wegens het bestaan van een voorliggende voorziening, de huursubsidie.
De rechtbank vernietigde het besluit van afwijzing wegens onvoldoende onderzoek naar het verblijfsrecht van de echtgenoot en verkeerde toepassing van artikel 13 WWB Pro. De gemeente stelde hoger beroep in en kende vervolgens een bedrag toe, maar de Raad oordeelde dat de huursubsidie als voorliggende voorziening het recht op bijstand uitsluit volgens artikel 15 WWB Pro.
De Raad benadrukte dat het feit dat de huursubsidie later werd teruggevorderd geen wijziging brengt in het recht op bijstand, omdat betrokkene in de betreffende periode over de huursubsidie kon beschikken. Ook werden geen zeer dringende redenen in de zin van artikel 16 WWB Pro vastgesteld. De Raad verklaarde het beroep ongegrond en vernietigde het besluit dat de bijzondere bijstand toekende.
Uitkomst: De aanvraag bijzondere bijstand werd afgewezen omdat betrokkene huursubsidie ontving, een voorliggende voorziening die het recht op bijstand uitsluit.