ECLI:NL:CRVB:2009:BI3731
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na bijduiding functies onder sbc-code 315120
Appellante maakte bezwaar tegen de intrekking van haar WAO-uitkering, waarbij het UWV de arbeidsongeschiktheid had vastgesteld op minder dan 15% na bijduiding van functies onder sbc-code 315120. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante in hoger beroep ging.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het bijduiden van functies binnen een sbc-code is toegestaan indien de betrokkene duidelijk kon zijn dat hij ook voor die functies geschikt zou kunnen worden geacht, waarbij een verwantschap van minimaal 65% in werkzaamheden geldt. Het bezwaar dat het bijduiden strijd zou zijn met het rechtszekerheidsbeginsel of de procesorde werd verworpen.
De Raad stelde vast dat de functies telefoniste/receptioniste medisch geschikt zijn voor appellante, omdat er geen direct contact met agressieve klanten plaatsvindt. De grieven over de reservefunctie onder sbc-code 272043 werden niet behandeld omdat de schatting ook zonder deze functie standhoudt.
Gelet op deze overwegingen werd het hoger beroep verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering en verklaart het hoger beroep ongegrond.