ECLI:NL:CRVB:2009:BI4187
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens ontbreken gewijzigde omstandigheden ondanks familiearbeidsverhouding
Appellanten hebben een aanvraag ingediend voor bijstand, die door het College werd afgewezen omdat er geen sprake was van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden sinds eerdere intrekking van de uitkering.
De rechtbank vernietigde eerdere besluiten wegens strijd met artikel 7:11 van Pro de Awb over de getrapte besluitvorming, maar liet de rechtsgevolgen van deze besluiten in stand. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en vernietigt tevens het besluit van 4 juni 2007 wegens strijd met artikel 7:12 Awb Pro, omdat het College ten onrechte uitging van een CAO-conform loon terwijl de werkzaamheden in een familiecontext om niet werden verricht.
De Raad oordeelt dat appellanten hun werkzaamheden niet substantieel hebben gewijzigd en dat het recht op bijstand niet alleen afhangt van daadwerkelijk ontvangen inkomsten, maar ook van redelijkerwijs te verwachten inkomsten. Daarom blijven de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit van 4 juni 2007 in stand. Het College wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellanten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van 4 juni 2007 vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.