ECLI:NL:CRVB:2009:BI4629
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens niet nakomen informatieplicht
Appellante ontving sinds 1995 een WAO-uitkering en vanaf 1996 een toeslag. Zij startte een onderneming waarvoor het UWV jaarlijks jaarstukken opvroeg. Ondanks herhaalde verzoeken leverde appellante deze stukken niet tijdig aan. Het UWV schortte daarom de uitkering op en trok deze met terugwerkende kracht in per 1 januari 2002. Appellante maakte bezwaar en beroep tegen deze besluiten.
De rechtbanken verklaarden de beroepen ongegrond, stellende dat het UWV voldoende gelegenheid had geboden tot het aanleveren van gegevens en het horen van appellante. De Raad overweegt dat het handelen van de toenmalige gemachtigde voor risico van appellante komt en dat het UWV terecht het recht op uitkering niet kon vaststellen zonder de gevraagde jaarstukken.
De Raad bevestigt dat appellante geen geldige redenen heeft gegeven voor het niet tijdig aanleveren van de jaarstukken en dat het UWV op grond van de wettelijke bepalingen verplicht was de uitkering in te trekken. De aangevallen uitspraken worden bevestigd en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering en toeslag wordt bevestigd wegens het niet nakomen van de informatieplicht.