ECLI:NL:CRVB:2009:BI9749
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- C.P.J. Goorden
- P.J. Jansen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken bezwaar Ziektewet-uitkering
Appellante kreeg aanvankelijk geen Ziektewet-uitkering toegekend per 7 mei 2007. Na bezwaar verklaarde het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) het bezwaar gegrond en kende alsnog uitkering toe tot 26 februari 2008. Betrokkene stelde beroep in tegen dit besluit, maar had geen bezwaar gemaakt tegen het oorspronkelijke besluit van 6 december 2007.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene niet-ontvankelijk omdat redelijkerwijs van betrokkene kon worden verwacht bezwaar te maken tegen het oorspronkelijke besluit. Appellante stelde in hoger beroep dat zij zelf niet eerder in beroep kon gaan, maar nu wel aanspraak maakt op voortzetting van de uitkering na 28 februari 2008.
De Raad overweegt dat op grond van artikel 6:13 Awb Pro geen beroep mogelijk is indien geen bezwaar is gemaakt en dit redelijkerwijs wel had moeten gebeuren. Omdat appellante geen beroep heeft ingesteld en betrokkene niet namens haar handelde, en er geen feiten zijn die het nalaten rechtvaardigen, verklaart de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een voorafgaand bezwaar.