ECLI:NL:CRVB:2009:BJ1288
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep kort geding
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Weigering wettelijke rente en immateriële schadevergoeding bij AAW-uitkering
Appellant vordert betaling van wettelijke rente over nabetalingen van AAW/WAO-uitkeringen en een immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. De Raad oordeelt dat de bijstandsuitkering achteraf als deel van de AAW-uitkering geldt, waardoor slechts rente over het verschil tussen de bijstand en de AAW-uitkering verschuldigd is. De aanspraak op rente over een nabetaling in maart 1992 wordt afgewezen omdat de aanmaning pas na de nabetaling plaatsvond.
Daarnaast wordt het verzoek om immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn heropend, aangezien de procedure meer dan 22 jaar heeft geduurd, waarbij de bestuurs- en rechterlijke fase samen aanzienlijk langer waren dan de redelijke termijn volgens jurisprudentie. De Raad merkt de Staat der Nederlanden aan als partij voor de verdere procedure.
Het verzoek om smartengeld wegens geestelijk letsel wordt afgewezen omdat het beroep niet gegrond is verklaard. De Raad bevestigt de eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Afwijzing van verzoeken tot volledige wettelijke rente en smartengeld; onderzoek naar immateriële schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn wordt heropend.