ECLI:NL:CRVB:2009:BJ2338
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- J.J.A. Kooijman
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsaanvraag wegens niet-woonachtig op opgegeven adres
Appellant ontving vanaf oktober 2003 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). De bijstand werd ingetrokken omdat appellant niet woonachtig was op het opgegeven adres in Dordrecht. Na meerdere aanvragen en bezwaren heeft het College van burgemeester en wethouders de bijstand geweigerd omdat appellant niet kon aantonen dat hij op het opgegeven adres woonde.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad baseert zich op een huisbezoek van 17 oktober 2005 waaruit bleek dat de woning nauwelijks was ingericht en er geen persoonlijke bezittingen van appellant aanwezig waren. Ook een later huisbezoek bevestigde dat de woning leeg was en buurtbewoners verklaarden dat de woning niet duurzaam werd bewoond.
Appellant heeft geen objectief verifieerbare gegevens overgelegd die aantonen dat hij op het opgegeven adres woonde. Verklaringen van derden zijn onvoldoende onderbouwd en deels tegenstrijdig. De Raad oordeelt dat appellant niet heeft voldaan aan de bewijsverplichting om aan te tonen dat hij woonachtig was op het opgegeven adres gedurende de relevante periode.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag van appellant wordt afgewezen omdat hij niet heeft aangetoond dat hij woonachtig was op het opgegeven adres.