ECLI:NL:CRVB:2009:BJ3875
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na medisch en arbeidskundig onderzoek
Appellante, werkzaam als wasserijmedewerkster met een WAO-uitkering sinds 1990, kreeg haar uitkering ingetrokken per 4 juni 2006 vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15% vastgesteld door het UWV na medisch en arbeidskundig onderzoek.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze intrekking ongegrond, omdat de verzekeringsarts de belastbaarheid juist had vastgesteld volgens de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van januari 2006. Appellante voerde aan dat haar pijnklachten en psychische beperkingen onvoldoende waren meegewogen en dat de belastbaarheid werd overschreden.
De Raad oordeelt dat de medische gronden niet leiden tot een andere beoordeling en dat de aanvullende medische informatie na de datum in geding niet relevant is. Ook de bezwaarverzekeringsarts had een onderzoek verricht dat niet afweek van de eerdere conclusies. De rechtbank heeft de medische en arbeidskundige gronden afdoende besproken en gemotiveerd, zodat het hoger beroep wordt verworpen en de intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat de medische en arbeidskundige gronden onvoldoende zijn om de vastgestelde belastbaarheid onjuist te achten.