ECLI:NL:CRVB:2009:BJ6529
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit Sociale Verzekeringsbank tot medewerking aan beslag op AOW-pensioen
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van de Sociale Verzekeringsbank (Svb) om zijn AOW-pensioen met 10% te korten vanwege vijf jaren niet-verzekerd zijn en vervolgens het pensioen verder te verlagen wegens een executoriaal derdenbeslag. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant zich wendde tot de Centrale Raad van Beroep.
De Raad overweegt dat het besluit van de Svb een bestuursrechtelijk besluit is en dat de Svb gehouden is medewerking te verlenen aan het beslag, zonder de geldigheid daarvan te toetsen. De toetsing van de beslagvrije voet en de geldigheid van het beslag behoren tot de civiele rechter. Appellant heeft nagelaten een civiele procedure te starten om zijn grief over de beslagvrije voet te laten toetsen.
Ook het betoog dat het onderliggende vonnis onjuist zou zijn, kan niet door de Raad worden beoordeeld; dit behoort tot het stelsel van gewone en buitengewone rechtsmiddelen in de civiele procedure. De Raad concludeert dat de Svb binnen het kader van het beslag heeft gehandeld en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak dat de Sociale Verzekeringsbank terecht medewerking verleent aan het beslag op het AOW-pensioen.