ECLI:NL:CRVB:2009:BK0507
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige weigering wettelijke rente over nabetaalde kinderbijslag door Sociale Verzekeringsbank
Appellant, die met behoud van WAO-uitkering naar Marokko was teruggekeerd, kreeg zijn WAO-uitkering ingetrokken wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid. Hierdoor werd zijn kinderbijslag stopgezet. Na bezwaar en beroep werd de WAO-uitkering met terugwerkende kracht hersteld, waarna ook kinderbijslag werd toegekend over de periode van intrekking.
De Sociale Verzekeringsbank (Svb) weigerde echter de wettelijke rente over de nabetaalde kinderbijslag toe te kennen, stellende dat geen onrechtmatigheid of verwijtbaarheid aan haar zijde bestond. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde anders.
De Raad stelde vast dat de onrechtmatigheid van het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering onlosmakelijk verbonden is met de schade die appellant lijdt door de latere vaststelling van zijn kinderbijslag. De Svb erkende de onrechtmatigheid door de kinderbijslag met terugwerkende kracht toe te kennen. De Raad vond dat de Svb onterecht de wettelijke rente had geweigerd en dat de schade voortvloeiend uit het onrechtmatige besluit voor rekening van de Svb moet komen.
De uitspraak vernietigt het bestreden besluit, verklaart het beroep gegrond en beveelt een nieuw besluit op bezwaar. Tevens veroordeelt de Raad de Svb in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het besluit van de Sociale Verzekeringsbank en beveelt een nieuw besluit op bezwaar waarbij wettelijke rente over nabetaalde kinderbijslag wordt toegekend.