ECLI:NL:CRVB:2009:BK0552
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J.P.M. Zeijen
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering toeslag en boete wegens niet tijdig doorgeven wijziging leefvorm
Appellant werd geconfronteerd met een besluit van het Uwv tot herziening van zijn toeslag en een boete wegens het niet of niet tijdig doorgeven van een wijziging in zijn leefvorm. De rechtbank had deze besluiten bevestigd en stelde dat geen dringende redenen bestonden om van terugvordering af te zien.
In hoger beroep betwistte appellant de terugvordering over een deel van de periode en stelde dat het Uwv te laat had gehandeld, wat tot onaanvaardbare financiële gevolgen leidde. Tevens voerde hij aan dat zijn psychische toestand hem verhinderde tijdig te informeren, waardoor de boete onterecht was.
De Raad overwoog dat dringende redenen slechts in uitzonderlijke gevallen kunnen leiden tot kwijtschelding en dat de fout van het Uwv zelf geen dringende reden vormt. De betalingsregeling houdt rekening met de financiële situatie van appellant, waardoor geen onaanvaardbare gevolgen zijn vastgesteld. Ook een schending van het vertrouwensbeginsel leidt niet tot kwijtschelding.
Ten aanzien van de boete oordeelde de Raad dat het Uwv terecht een boete oplegde, dat er geen sprake was van verminderde verwijtbaarheid en dat de boete niet onevenredig was. De stelling van appellant over zijn psychische toestand werd niet onderbouwd met medische stukken.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van toeslag en de boete wegens niet tijdig doorgeven wijziging leefvorm.