ECLI:NL:CRVB:2009:BK0970
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- A.B.J. van der Ham
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens weigering medewerking huisbezoek
Appellante diende op 8 juni 2007 een aanvraag om bijstand in en gaf aan een kamer te bewonen op een adres te [woonplaats]. Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Cuijk nodigde haar uit voor gesprekken en het overleggen van documenten, waaronder een huurovereenkomst. Tijdens een gesprek op 11 juli 2007 weigerde appellante medewerking aan een huisbezoek zonder toestemming van de hoofdbewoonster, die telefonisch niet bereikbaar was. Het College bood aan de hoofdbewoonster ter plekke te informeren en toestemming te vragen, maar appellante weigerde ook dit aanbod en volhardde in haar weigering, ondanks waarschuwingen over de gevolgen.
Het College wees de aanvraag bijstandsverlening af op 12 juli 2007 en verklaarde de bezwaren ongegrond op 23 oktober 2007. De rechtbank bevestigde dit besluit, waarna appellante in hoger beroep ging. De Raad oordeelde dat het College op grond van objectieve feiten redelijkerwijs kon twijfelen aan de juistheid van de door appellante verstrekte gegevens, mede omdat zij geen huurovereenkomst overlegde en eerder bijstand ontving van een andere gemeente waar zij niet op het opgegeven adres woonde.
De Raad stelde vast dat het huisbezoek noodzakelijk was om de woon- en leefsituatie te verifiëren en dat appellante geen minder belastende verificatiemethode had aangeboden. Haar argumenten over de weigering van de hoofdbewoonster en taalproblemen werden niet aannemelijk geacht. De Raad bevestigde daarom het besluit van het College en de uitspraak van de rechtbank en wees de bijstandsaanvraag af.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt afgewezen vanwege de weigering van appellante medewerking te verlenen aan een noodzakelijk huisbezoek.