ECLI:NL:CRVB:2009:BK4244
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- A.B.J. van der Ham
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellante ontving bijstand sinds 1996 en beschikte in 2002 en 2003 over een spaarrekening bij de Fortisbank die niet aan het College bekend was. De dienst sociale zaken constateerde verschillen in door appellante verstrekte bankafschriften en weigerde zij toestemming te geven voor het opvragen van bankgegevens.
Het College trok de bijstand in en vorderde deze terug over de periode 1997 tot 2006 wegens het niet melden van een gezamenlijke huishouding en het niet voldoen aan de inlichtingenverplichting. De rechtbank vernietigde dit besluit deels en bepaalde een andere terugvorderingsperiode. Het College nam een nieuw besluit dat door de Raad werd betrokken.
De Raad oordeelde dat appellante haar inlichtingenverplichting had geschonden, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Het College was bevoegd tot intrekking en terugvordering van de bijstand. Het beroep van appellante werd ongegrond verklaard, waarbij ook werd overwogen dat geen nieuwe hoorzitting verplicht was bij het nieuwe besluit op bezwaar.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand wordt bevestigd.