ECLI:NL:CRVB:2009:BK4582
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R.H.M. Roelofs
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen waarschuwing bijstandsgerechtigde
Appellant verscheen in december 2005 voor gesprekken bij de Dienst Werk en Inkomen van Amsterdam, waarbij hij zich volgens de rapportage niet coöperatief en beledigend gedroeg. Op 30 december 2005 ontving hij een brief waarin hem werd gewaarschuwd dat bij herhaling zijn bijstandsuitkering verlaagd of ingetrokken zou kunnen worden.
Appellant maakte bezwaar tegen deze brief, maar het College verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) was, maar een informatieve waarschuwing zonder rechtsgevolgen. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellant dat de brief wel degelijk een verlaging van de bijstand inhield, maar de Raad stelde vast dat het slechts een waarschuwing betrof zonder wettelijke grondslag en zonder wijziging van zijn rechtspositie. De Raad bevestigde dat de brief geen zelfstandig en definitief rechtsoordeel bevatte en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat de brief geen besluit is en verklaart het bezwaar niet-ontvankelijk.